slideshow_03.jpg

Enten op maat van de hond

Bij Dierenkliniek Zuiderkaag wordt uw dier geënt op maat met Nobivac vaccins van MSD. Dat wil zeggen: niet ieder jaar standaard een cocktail erin, maar precies dát geven wat nodig is om uw dier gezond te houden.


Hieronder staat het vaccinatie schema van week, maand tot jaar beschreven voor uw hond, zodat u weet dat u in de beste handen bent en dat de enting die wij geven de beste bescherming zal bieden aan uw dier en niet zomaar een standaard injectie is.

6 weken leeftijd
Tegen:   Hondenziekte en Parvo
Vaccin:   Nobivac Pup

9 weken leeftijd
Parvo en Ziekte van Weil
Vaccin:  Nobivac CPV-Lepto: Parvo en Ziekte van Weil (Leptospirose, L4)

12 weken leeftijd
Tegen:  Parvo, Hondenziekte, Leverziekte en Ziekte van Weil
Vaccin:  DHP/L4 Nobivac

1 jaar leeftijd
Tegen: Parvo, Hondenziekte, Leverziekte, Ziekte van Weil
Vaccin: DHP/L4 Nobivac

Jaarlijks Vaccinatieschema:

 
  Leeftijd     Vaccin
  2e jaar  Lepto L4 (Ziekte van Weil)
  3e jaar  Lepto L4 (Ziekte van Weil)
  4e jaar  DHP/L4
  5e jaar  Lepto L4 (Ziekte van Weil)
  6e jaar  Lepto L4 (Ziekte van Weil)
  7e jaar  DHP/L4
  8e jaar  Lepto L4 (Ziekte van Weil), enzovoorts.  

 

Wanneer u wilt dat uw dier ook tegen Paraïnfluenza en Bordetella beschermd wordt: een component van de complexe kennelhoest ziekte, dan geven wij nog apart middels de KC neusenting van Nobivac.

RABIËS
Hondsdolheid (rabiës) is een virusziekte die zeer besmettelijk is voor vrijwel alle zoogdieren. Een besmet dier kan de ziekte overbrengen op een ander dier door middel van bijtwonden of speeksel. Om een voorbeeld te geven: wanneer een hond van één van onze klanten onbeschermd (dus niet geënt tegen rabiës) in het buitenland los het bos inloopt en daar een vos tegenkomt die gestorven is aan rabiës, kan de hond door te likken aan deze vos het virus oppikken en daar uiteindelijk ook aan sterven. Op datzelfde moment vormt deze hond ook een groot gevaar voor andere dieren en de mensen in zijn omgeving. Eén van de eigenschappen van het virus is dat het zich graag in de hersenen nestelt, waardoor het besmette dier gaat bijten en ‘gek’ wordt. Was dat niet immers het trieste verhaal van Old Yeller, die afgemaakt moest worden omdat hij ‘gek’ was geworden, nadat hij zich schuimbekkend tegen zijn baasjes had gekeerd. In Nederland wordt rabiës al langere tijd niet meer gezien. Wanneer mensen echter naar de grensstreken van Zuid-Oost Nederland op vakantie gaan is een vaccinatie zeker aan te raden. Voor een vakantie in het buitenland is rabiës vrijwel altijd verplicht. Dit is ter bescherming van het individuele dier, maar ook om insleep van het virus vanuit het buitenland naar Nederland te voorkómen. Enting mag vanaf 3 maanden gegeven worden met het Nobivac Rabiës vaccin. Een Nobivac Rabiës enting is 3 jaar geldig (geldt vanaf 25 mei 2005). Overigens heeft ieder land zijn specifieke invoereisen. Er wordt steeds met uiterste zorgvuldigheid per land bekeken (ook met betrekking tot voorzorgsmaatregelen, zoals ontwormen, tekenpreventie en heartwormpreventie) wat het beste is.

KENNELHOEST
Kennelhoest wordt veroorzaakt door verschillende virussen en bacteriën. In het KC vaccin zitten Bordetella Bronchiseptica en Paraïnfluenza. Het gaat hierbij om een neusenting (geeft de beste bescherming). Enten hiertegen hangt vaak af van het wel of geen risico dier zijn voor deze ziekte. Hogere risico’s lopen: dieren die in een kennel verblijven, bijvoorbeeld voor een vakantieperiode en dieren die regelmatig in grote groepen honden komen (speelweides, hondenscholen, shows). De redenen hiervoor zijn: blaffen (kleine beschadigingen van de voorste luchtwegen), stress (onderdrukking van het afweersysteem), infectiedruk (veel dieren bij elkaar). Kennelhoest is een ziekte die met name de voorste luchtwegen aantast (keel, luchtpijp, bronchiën). Typische kenmerken zijn: hoesten, kokhalzen en slijm braken. De ziekte is uiterst besmettelijk en een eigenaar moet altijd op dit besmettingsrisico voor andere dieren in de omgeving gewezen worden.

PARVO
Een ziekte die met name bij de jonge hond heftig braken en bloederige diarree kan veroorzaken. Ook bij de oudere niet goed beschermde hond kan dit virus tot ernstige ziektebeelden aanleiding geven. Sterfte is vaak het gevolg van een besmetting met het parvovirus.

HONDENZIEKTE
Wordt veroorzaakt door het CD-virus (Canine Distemper Virus) en ook wel Ziekte van Carré genoemd. Komt over de hele wereld voor. Is uiterst besmettelijk. Jonge dieren kunnen eraan overlijden. Oudere honden laten met name symptomen van de voorste luchtwegen zien, hoesten, neusuitvloeiing. Verder worden symptomen van het zenuwstelsel waargenomen, hetgeen tot blijvende problemen kan leiden, ook wanneer het virus al weg is. Het virus lijkt heel erg op het mazelenvirus van de mens. Honden worden niet ziek van een humaan mazelenvirus. Als ze met dit humane virus ingespoten worden, maken ze wel antilichamen aan tegen het hondenziekte virus. Dit gebeurt op 6 weken leeftijd. Waarom dan niet gewoon een hondenziekte virus inspuiten bij de pup. Dit wordt niet gedaan, omdat er nog maternale (= van de moeder gekregen) antilichamen tegen het hondenziektevirus circuleren in het bloed van de pup. Hij zal het hondenziekte virus dus aanvallen met deze maternale antilichamen en geen afweer opbouwen. Het mazelenvirus wordt niet aangevallen door de circulerende maternale antilichamen omdat de specifieke antilichamen tegen hondenziekte het virus niet herkennen, maar het afweer apparaat van de hond zal wel de gelijkenis met het hondenziektevirus zien en afweer hiertegen op gaan bouwen. Dit is belangrijk, omdat maternale immuniteit snel afneemt na de 6e week en er anders een periode in het leven van de pup is, dat hij niet voldoende antilichamen tegen het hondenziekte virus in zijn bloed heeft. Dit is dus een trucje waarmee de uitvinder van dit vaccin de maternale immuniteit op slinkse wijze heeft weten te omzeilen, waardoor de pup ook na verdwijnen van de maternale antistoffen (via de moedermelk gekregen) nog voldoende afweer tegen het hondenziekte virus heeft.

HCC
Besmettelijke leverziekte (hepatitis contagiosa canis), wordt veroorzaakt door een CAV-1 virus (adeno virus). Dit virus verspreidt zich voornamelijk via de urine. Dieren kunnen van heel licht tot heel ernstig ziek worden (leverproblemen). Jonge dieren kunnen plotseling sterven. Een HCC infectie kan uitmonden in een chronische hepatitis (leverontsteking) en uiteindelijk in lever cirrhose (ernstige en ongeneeslijke aantasting van de lever met verbindweefseling).

ZIEKTE VAN WEIL (Leptospirose)
Wordt veroorzaakt door een bacterie; risicotijd voor besmetting van voorjaar tot en met najaar. Wordt uitgescheiden door besmette ratten via urine. Ook besmette honden, die een besmetting overwonnen hebben, kunnen nog langere tijd uitscheider van deze bacterie zijn en op die manier een groot risico vormen voor mens en dier. Ook voor de mens is het namelijk een hele gevaarlijke ziekte die nieren en lever aantast.

Hondeneigenaren laten hun dier jaarlijks tegen de ziekte van Weil vaccineren. De ziekte van Weil is echter één van de verschijningsvormen van de complexere ziekte Leptospirose. Leptospirose wordt veroorzaakt door bacteriesoorten die over de hele wereld voorkomen, de zogenaamde leptospiren. Van deze leptospiren bestaan diverse varianten die verschillende ziektebeelden bij uw hond kunnen veroorzaken. De ziekte van Weil is daarvan de bekendste en beruchtste, maar ook andere verschijningsvormen van leptospirose zijn beschreven. Omdat besmette dieren ook mensen kunnen infecteren (zoönose) is een goede bescherming voor mens en dier gewenst.

Hoe ziet Leptospirose eruit? Een hond raakt besmet doordat leptospiren vanuit de leefomgeving via wondjes of de slijmvliezen het lichaam van de hond binnendringen. In sommige gevallen biljven de symptomen beperkt tot algemene ziekteverschijnselen zoals verminderde eetlust, braken en koorts. Maar het ziektebeeld kan verergeren waarbij de hond uitgeput raakt, spiertrillingen en gele siljmvliezen krijgt, gaat hoesten, diarree krijgt en ernstige nierproblemen ontwikkelt. Een hond met Leptospirose heeft intensieve  medische zorg nodig. Bij niet-gevaccineerde honden heeft een ernstige Leptospirose-infectie vaak een dodelijke afloop.

Hoe treedt besmetting op? Via urine scheiden geïnfecteerde honden leptospiren uit en besmetten daarmee de leefomgeving. Met name uitlaatplaatsen, grasvelden en stilstaand (zwem)water zijn beruchte besmettingshaarden. Kleine knaagdieren, zoals muizen en ratten, spelen een rol bij de verdere verspreiding en instandhouding van leptospiren in het milieu.

Loopt mijn hond gevaar? Elke hond kan besmet raken met leptospiren, zowel in de stad als op het platteland. Bijna elke hond eet wel eens gras of zwemt graag. Op zulke momenten komt uw hond in contact met leptospiren. Door jaarlijks te vaccineren bouwt uw hond de noodzakelijke weerstand op en vermindert u de kans dat uw hond ziek wordt.

Nieuwe varianten van Leptospirose in opkomst. Tot voor kort veroorzaakten vooral de twee serogroepen vanicola en icterohaemorrhagiae ziektegevallen in West-Europa. De huidige vaccins beschermen uitstekend tegen deze twee varianten. Steeds vaker echter, worden ook andere varianten in West-Europa aangetroffen behorend tot de serogroepen australis en grippotyphosa. De oudere vaccins beschermen hier niet tegen.

Brede bescherming noodzakelijk. Om bescherming te bieden tegen deze nieuwe serogroepen van leptospirose is er nu een nieuw vaccin beschikbaar. Wij gebruiken dit nieuwe vaccin bij het enten op maat.

De Boog 74
1741 MT Schagen
T:  0224 - 218 997
E: info@dkzuiderkaag.nl