slideshow_11.jpg

Een bultje ... wat nu?

 

 

EEN BULTJE.....WAT NU?
Stukje uit ‘Over Dieren’, geschreven door Paula Hendriks

Mastocytoom
Mensen vinden een bultje bij hun dier een van de meest bedreigende dingen die ze kunnen ontdekken. "Mijn dier heeft kwaadaardige kanker" wordt er vaak gedacht. "Nu is het afgelopen". Gelukkig kan er meestal heel veel gedaan worden en zijn de meeste bultjes heel goed te behandelen. Bultjes kunnen in ontelbare gedaantes verschijnen: grillig en bloedend, snel groeiend, wisselend van grootte, soms plotseling verdwijnend, om dan weer te verschijnen, los van de huid, vast aan de ondergrond, of omgekeerd, roze, zwart, wit doorschemerend, alle variaties zijn denkbaar. Al deze bultjes kunnen goed- of kwaadaardig zijn.

Het is vrijwel onmogelijk om gewoon door er naar te kijken te beslissen of een bultje wel of niet kwaadaardig is. Het is dan ook heel belangrijk om met elk bultje zo snel mogelijk naar de dierenarts te gaan.

Accepteer daarna nooit de opmerking: ‘we wachten het even af en kijken of het groeit’. Dat kan het verschil betekenen tussen leven en dood van uw geliefde huisdier.

Uw dierenarts zal willen vaststellen wat voor soort bultje het is en heeft verschillende mogelijkheden om dat doel te bereiken.
Er kan een dunne naald aspiratie biopt genomen worden. Dat betekent heel eenvoudig dat er met een dunne naald cellen uit het bultje gezogen (geaspireerd) worden. Deze cellen kunnen door een cytoloog, een cellendeskundige, onderzocht en getypeerd worden. Vaak weten we dan al veel meer. Dit onderzoek is absoluut niet belastend voor uw diertje en er bestaat geen kans dat door deze handeling een eventuele tumor uitzaait. Hieronder ziet u een filmpje over het nemen van een naald aspiratie biopt.

Soms geeft een cytologisch onderzoek ons niet de informatie die we nodig hebben en moeten we overgaan tot het nemen van een weefselbiopt. Een weefselbiopt houdt in dat er een stukje weefsel uit het bultje gehaald wordt dat naar een patholoog gestuurd wordt. Bij kleine tumoren kan de chirurg dierenarts gelijk het hele bultje weghalen. De patholoog kan dan precies zeggen om welke tumor het gaat en of het überhaupt wel om een tumor gaat. Want soms kan het ook gaan om goedaardige problemen vanuit de huid. De dierenarts zal altijd proberen om, voordat er tot operatie overgegaan wordt, precies te achterhalen wat de aard van het bultje is. Dit is belangrijk wanneer er geopereerd moet worden. Sommige tumoren moeten met grote marges verwijderd worden, omdat er anders tumorcellen achter kunnen blijven.

MastocytoomSoms blijft het niet bij een bultje alleen, maar blijkt dat slechts het topje van de ijsberg te zijn. Er kunnen zich ook in het lichaam allerlei problemen afspelen die met de zichtbare tumor te maken hebben. Een bultje dat aan de buitenzijde zichtbaar wordt kan een uitzaaiing zijn van een probleem dat zich in het lichaam afspeelt. Daarnaast kan een bultje dat aan de buitenzijde ontstaat zich uitzaaien naar verschillende organen in het lichaam. Uitzaaiingen kunnen via de lymfevaten of via de bloedvaten door het lichaam reizen. Of en wanneer er uitzaaiingen ontstaan en in welke organen hangt van het type tumor af.

Nadat de dierenarts een goede diagnose heeft gesteld met betrekking tot de aard van het bultje, kan beoordeeld worden of het nodig is om nog verder onderzoek te doen. Dit om te beoordelen of er uitzaaiingen zijn. Er kan besloten worden dat het belangrijk is om een röntgenfoto te maken van de longen, een echo van de lever en de milt en een bloedonderzoek. De beslissing welke nadere onderzoeken gedaan moeten worden hangt uiteraard sterk af van de uitslagen van het dunne naald biopt en/of van het weefselbiopt en van de algehele conditie van de patiënt.

Wanneer de dierenarts alle vooronderzoeken systematisch en afhankelijk van het type tumor heeft uitgevoerd, kan er een behandelplan opgesteld worden. De therapie kan beginnen.


Therapeutisch blijft goede tumorchirurgie altijd de peiler waarop de kankergeneeskunde rust. En wat is er nou fijner dan na een geslaagde en goed onderbouwde tumorchirurgie te kunnen zeggen tegen de eigenaar: uw dier is genezen!

‘Een bultje.....wat nu?’ is uiteraard niet in 1000 woorden te bespreken. Zowel in het traject naar een exacte diagnose toe, als over de behandeling zijn nog veel meer zaken die besproken zouden kunnen worden. De CT-scan, de MRI, de endoscoop, scintigrafie, bestraling, hormoontherapie, specifiek bloedonderzoek; speciale tumor chirurgie technieken waarbij voor elke tumor andere marges gelden, instrumenten behandeling tijdens chirurgie van een tumor, keuze van hechtmateriaal, en ga zo maar door. Het onderwerp is boeiend en veelomvattend. Ook in het traject na of als aanvulling op een geslaagde tumorchirurgie, of soms in de plaats van tumorchirurgie, is nog veel mogelijk. Zo is er chemotherapie, immunotherapie, behandeling met radioactieve materialen. Daarnaast zijn goede voeding en voedingssupplementen essentieel voor een goede begeleiding van een kankerpatiënt.


Een paar tips mogen niet ontbreken:

1. Verbrande oorranden. Geef uw huisdier niet onnodig hormoontherapie, bijvoorbeeld anti loopsheid injecties, of hormoonpreparaten tegen jeuk. Deze preparaten vergroten de kans op het krijgen van melkklier kanker bij uw huisdier aanmerkelijk. Overigens geldt dit dus logischerwijs ook voor anticonceptie in pilvorm. Indien u geen nageslacht wilt van uw teef of poes: laat uw dier dan zo vroeg mogelijk castreren (het verwijderen van de eierstokken), u neemt dan de schadelijke invloed van hormonen op het lichaam weg en de kans op de ontwikkeling van kanker wordt aanmerkelijk kleiner.

2.Bij katten met witte oorschelpen komt kanker voor van de oorranden: plaveiselcel carcinomen. Deze tumoren ontstaan door blootstelling van de oren aan zonlicht: UV stralen. Bescherm de witten oorpunten en neusrug van uw kat met zonnebrand (hoge beschermingsfactor), dit om deze vorm van kanker te voorkomen.


3. Plaveiselcelcarcinoom onder de tong. Kijk regelmatig onder de tong van uw kat, wen uw kat hier al heel jong aan. Bij katten komen op oudere leeftijd tumoren onder de tong voor: ook plaveiselcel carcinomen, die bij hele vroege diagnose nog te behandelen zijn. Meestal worden de katten echter te laat aangeboden, omdat het pas heel laat in de ontwikkeling aan de buitenkant zichtbaar wordt.


4. Bij konijnen zien we veel baarmoederkanker: bij 50-80% van de voedsters ouder dan 4 jaar. Bij vroeg diagnose kan een chirurgische ingreep levensreddend zijn. Ter voorkoming kan een voedster het beste voor verwijderen van eierstokken en baarmoeder aangeboden worden.

5. Een hele belangrijke is al eerder besproken: wacht nooit af om te kijken of het groeit. Sommige hele gevaarlijke tumoren, zoals mastocytomen, hebben een heel vervelend biologisch gedrag, namelijk: komen en gaan. Zo zie je het bultje, zo is het bultje weg. Bij een mastocytoom afwachten, kan het verschil betekenen tussen wel of niet uitgezaaid zijn, het verschil dus tussen leven en dood. Wacht dus niet!!!! En dit geldt uiteraard niet alleen voor mastocytomen.

De Boog 74
1741 MT Schagen
T:  0224 - 218 997
E: info@dkzuiderkaag.nl