slideshow_11.jpg

Euthanasie

Compassionate care blijft niet beperkt tot het verlenen van diergeneeskundige zorg aan het levende dier, maar strekt zich ook uit tot het moment van euthanasie en de periode hierop volgend. Basis van een liefdevolle euthanasiebegeleiding is dat er begrip en respect is voor het feit dat wanneer het hechte bondgenootschap, de warme vriendschap tussen mens en dier, door een euthanasie wordt verbroken, er intens verdriet zal zijn. In onze kliniek hebben wij een aparte euthanasieruimte. We troosten, praten en laten de eigenaren in hun waarde. De basis is steeds dat ieder uniek mens het sterven van zijn huisdier op zijn eigen unieke manier zal beleven. Het is een persoonlijke ervaring, die nooit volgens van te voren vastgestelde lijnen zal verlopen. Een goede euthanasiebegeleiding rust op die wetenschap. Heb respect voor de emoties waarmee je geconfronteerd wordt tijdens de euthanasiebegeleiding. Veroordeel niet, voel mee en begeleid. Na een euthanasie volgt verwerking. Euthanasiebegeleiding houdt niet op wanneer een hart stopt. Wanneer de fonendoscoop ‘zwijgt’, volgt voor een eigenaar een moeilijke rouwperiode. Ook tijdens deze periode kunnen wij een eigenaar helpen. En ook nu is het weer de compassionate care die ons leidt.

Rouwen

Er zijn ooit rouwfases bedacht om houvast te bieden aan diegenen die in het moeilijke rouwproces verwikkeld zijn: ontkenning, woede, schuldgevoel en herstel. Onderzoek heeft aangetoond dat mensen die aan hun huisdier gehecht waren, na het overlijden van het dier vergelijkbare stadia doorlopen. Dit wil niet zeggen dat de dood van een huisdier hetzelfde is als het overlijden van een dierbaar persoon. Dat laatste kan veel verdergaande gevolgen hebben. Om dit onderscheid duidelijk te maken zijn voor de rouwstadia na de dood van een huisdier andere namen gekozen: anticipatie, crisis, beproeving en reconstructie. Voordat het eindstadium van acceptatie is bereikt, gaan er zo’n acht maanden voorbij. Dit is een gemiddelde voor Nederlandse katten- en hondenbezitters. In de praktijk doen mensen er soms korter, soms (veel) langer over. Iedereen verwerkt het verlies nu eenmaal op zijn of haar eigen manier.

Vroeger werden dieren voornamelijk gehouden vanwege het nut dat ze hadden. Het bewaken van huis en haard, het vangen van ongedierte en het leveren van voedsel waren in hoofdzaak redenen om een dier te (onder)houden. Na de Tweede Wereldoorlog kwam hierin langzaam verandering. Steeds vaker werden huisdieren ook gehouden voor de gezelligheid en om hun gezelschap. Een huisdier werd een kameraad aan wie je alles kon vertellen. Een levend wezen dat er altijd voor je was, dat altijd tijd had en waar je altijd lekker mee kon knuffelen. Mensen gaan tegenwoordig dus op een andere manier met hun dieren om. Zodoende heeft het dier een andere rol toebedeeld gekregen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de dood van een gezelschapsdier een ingrijpende ervaring kan zijn. Niet alleen voor de eigenaar, maar ook voor zijn of haar omgeving. Lange tijd was er geen aandacht voor het verdriet dat mensen kunnen hebben over het verlies van hun huisdier. Sterker nog, eigenlijk werd het maar vreemd gevonden als iemand daar verdriet over had. Verdriet over een huisdier was taboe.
De laatste jaren begint die onverschillige opstelling gelukkig te veranderen. Binnen onze samenleving ontstaat steeds meer begrip voor het verdriet om het sterven van een huisdier. Wat niet wil zeggen dat iedereen even begripvol is.

Rouwen heeft alles met hechting te maken: hechting en loslaten. De basis van alles is weer respect, ditmaal respect voor het verdriet van een ander. Hoe vaak zegt een eigenaar niet vertwijfeld tegen je: ‘mijn omgeving zegt dat ik me niet zo aan moet stellen’. Mensen die zelf geen huisdier hebben, begrijpen vaak niet dat iemand zoveel verdriet kan hebben om een dier. In dat geval kan het onbegrip van de naaste omgeving nóg meer verdriet veroorzaken.

Ik zou respect willen vragen voor de rouw om het verlies van een huisdier. Laat iedereen toch vooral de verwerking op zijn eigen manier doen.

Max de Dobermann
Een voorbeeld van een aangrijpende ziektebegeleiding en uiteindelijk euthanasie is die van de Dobermann Max. Max had een kaaktumor, waarvan na uitgebreide diagnostiek duidelijk werd dat genezing uitgesloten was. De weg van Max en zijn baasjes werd een heel zware. De weg van onderkenning van de ernstige ziekte kanker, de verbijstering bij de baasjes toen bekend werd wat Max had, de uitgebreide diagnostiek waarbij uiteindelijk onomstotelijk vast kwam te staan dat er niets meer aan te doen was. En de periode daarna, waarin er dagelijks contact met de baasjes was, om de kwaliteit van het leven van Max te waarborgen, om de laatste weken voor hen samen zo goed mogelijk te laten zijn. Er waren de vele gesprekken om ze te helpen elke dag een stukje dichter naar het afscheid van Max toe te gaan. Ze hadden zelf jaren tevergeefs geprobeerd om kinderen te krijgen. En toen kwam Max, hij was alles voor ze, hij maakte hun gezin compleet. Hoe laat je dat los, dat vereist een enorme krachtsinspanning van de baasjes en heel veel ‘compassionate care’ van het ondersteunende diergeneeskundige team. Uiteindelijk was het einde daar. Mensen van wie aanvankelijk leek alsof ze het nooit zouden kunnen accepteren, waren langzaam toegegroeid naar die moeilijke laatste stap. Het is enorm waardevol om te beseffen dat je als diergeneeskundig team met alle liefde en kennis die je in je hebt het bijna onmogelijke kunt bereiken: het was goed zo.

De Boog 74
1741 MT Schagen
T:  0224 - 218 997
E: info@dkzuiderkaag.nl